De gedichten van C. Buddingh's die gebruikt zijn op het eerste album van kleine bofkont. Meest vertalingen van de non-sense poezie van John Lennon, alleen de eerste is een eigen tekst van Buddingh'.
Klik op een titel om meer te lezen.
Ben ik geen kleine bofkont
Ben ik geen kleine bofkont
Ik heb een aardig stretsertje
Da strets ik somtijs op
Ik kocht ’t van een petsertje
Voor maar drie halve pop
Da leggik al me bene wijd
M’n armen in ’t verschiet
Gij allen die hier henen zijt
Gij strets zo lekker niet
C. Buddingh'
Dove Japie, Malotta, (en Ikke)
Dove Japie, Malotta, (en Ikke)
Of ’t heuvel steil en woest het woud
Voor ons blijvut maar tikke,
Wij gallompere vier drop los
Dove Japie, Mallota, en ikke.
Nooit wijke wij van ’t rechterpad,
Stijf teugels in ons fikke
Strijen wij machtig zwaard de strijd
Dove Japie, Mallota, en ikke.
Met trouwe homp aan onze zij,
Moed benne me hardstikke
Voor geen gehucht hoe feil behaard
Dove Japie, Mallota, en ikke.
Wij strij de rechtgevaarde strij
Voor alle krikkemikke
Van elke kleur of das of glo
Dove Japie, Mallota, en ikke.
Of ’t peubel dries en Ajax tien,
En Feijenoord effe tikke
Wij gallompere vier drop los
Dove Japie, Mallota, en ikke.
Zo azzu iets frankaspisch hoort
of ziet vergaan: niet schrikke,
Bedenk, het zijn alleeuwerik maar
Dove Japie, Mallota, en ikke –
(soms brengen we ons vriendje Welkom mee)
C. Buddingh'
Dit is een vrijzinnig vernederlandste versie van "Deaf Ted, Danoota, (and me)" van John Lennon, te vinden op DNBL.
Weet je nog van Arnold?
Weet je nog van Arnold?
Kweenog van Kakkie Dahliefs
Of ’t gisterochtend was
Kakkie Kakkie Dahliefs
Zoon van dokter Plas
Hij kon zo prullig tuffen
Op z’n hakkelplof
Maandags dinsdags woensdags
Moeders grote sof
Ja, kweedooknog van Kätie Haarpoon
Az de dag van gister
Kätie Kätie Haarpoon
Zoon van Lady Lister
Altijd om half negen
In de autobus
Met z’n aktentasje
Noustie mortibus
(ik bedoel bij het uitstappen geschept of zoiets)
Zo hoebelen en grutten we
Tot der dagen eind
Iene miene mutteme
Zoon van Albert Heijn.
Muddeldehubbeldebubbele
Bubbeldehup. (Merci)
C. Buddingh'
Dit is een vrijzinnig vernederlandste versie van "I remember Arnold" van John Lennon, te vinden op DNBL.
De dikke knarie
De dikke knarie
Ik heb een kleine knarie
Me beste kammeraad
Kga dikkels mettem wandie
Al wortook nog zo laat
Ik noem me knarie Sjeffie
Zo heette mopa ok
Ik noemmum zo naar mopa
Dawwasso zije sok
Dr zijn lui dieznie motte
Vuil etterlijers zat
Ze smere zop dr bootram
Of geve zander kat
Moom attekeer een knarie
Hij riep: ik lussem rauw
Ik huilde en noemdum Daaffie
Maar ’t liettum nesso koud
Schoon tie toch Arthur heette
Wertie nie rood of bleek
Hij liep naam dierewinkel
En vrat die heelmaal leeg
De dokters keke nimmum
Of triest te redde viel
Maar hij was al te gulzig gweest
Hij stierf azzun azziel
Mijn Sjeffie twiet en kwettert
Ask in de kamer kom
Ik voerum roerei met gehakt
Dan krijgtie ’n slappie om
Hij zingt az alle knaries
’t Is nesso gele kloon
Maar zondags tallermooiste
Dan zekkum onder stroom
Soms vliegtie door de kamer
En zit op me dresswaar
En astie zich ech toffoel
Doettie-ut op me haar
Hij stanoun tijtal op dieet
Door al die vele prakkies
Ze zeggastie nog vetter wordt
Mottie nog krukke strakkies
Dassou wassijn ik lach me rot
Ik ziejut al gebeure
Een knarie oppen stokkie
Gwoon om je te bescheure
Dawwazme knarie Sjeffie
Me vet gevederd jappie
Osschoon ik nog maar dertig ben
Houk meer vam dan van pappie
C. Buddingh'
Dit is een vrijzinnig vernederlandste versie van "The fat budgie" van John Lennon, te vinden op DNBL.
Op deze nurkse och
Op deze nurkse och
Its wonder daddik nikkersnik
Op deze nurkse och
Eén kippig vel allenerik
In sloer en modderkroch
Goed, lanik loenig lodderen
Stankblij en dolbespet
Maar jellevaar verluns ik
Als dat mijn Eva redt
Ze denken dannik lotje
Ik hi maar druk mijn kin
Van al die ollewobbers
Krijg ik de tering in
Kop dicht daar in die kulhoek
Ben ik de taaie peer?
Al kom je met Jan Lulkoek zelf
Klein krijg je mij niet meer
Heel de familie Waggel
En Parel Kriels erbij
Laat ze de bout nou hachelen
Ze kunnen wat van mij
Ze paljeren tot ze todden
Drie vier na middernacht
Corina flidder flodder
Inkluis de hondenwacht
Nepie sluim en slofie
Omi groot maar dap
Braaf bribbelend in ’t alkofie
Eén slinger in de pap
Bilt zeitung driepintappel
Van smeltse vlaaienbrij
Groppie gribbel grappel
Varoem gebeurt zulks mij?
o deerlijk flesje jajem
Wie ’t zonder stellen moet
Zwalpt wel over de majem
Maar vangt geen sikkepoet
Spalkt daarom ziel en zeilen
Met al wat u maar lust
En parleveer naar ’t eiland
Waar ’t lam rust naast het fust.
C. Buddingh'
Dit is een vrijzinnig vernederlandste versie van "On this churly morn" van John Lennon, te vinden op DNBL.
Over The Fat Budgie meets de kleine bofkont
Onderstaande tekst komt uit "The Fat Budgie meets de kleine bofkont", een boekje bezorgd door Wim Huijser en bestemd voor relaties van het Buddingh’ Genootschap. Het verscheen ter gelegenheid van de veertigste sterfdag van C. Buddingh’ op 24 november 2025. Het boekje bevat de teksten van Lennon en van Buddingh', hieronder het nawoord, geschreven door Wim Huijser.
Ofschoon John Lennon (1940–1980) voornamelijk liedteksten schreef, legde hij zich, deels geïnspireerd door het werk van Lewis Carroll en Spike Milligan, ook toe op nonsenspoëzie en korte, surrealistische verhalen. Het gedicht ‘I Remember Arnold’ schreef hij al in 1958 na de dood van zijn moeder Julia. ‘Het gaat nergens over,’ zei Lennon over zijn werk. ‘Als je het leuk vindt, vind je het leuk; als je het niet leuk vindt, vind je het niet leuk. Dat is alles.
Er zit niets diepzinnigs in, het is gewoon grappig bedoeld.’ Nadat enkele verhalen en gedichten waren gepubliceerd in de Liverpoolse muziek-publicatie Mersey Beat, werden ze, vergezeld van zijn eigen illustraties, uitgebracht onder de titel In His Own Write (1964). Van het boek werden alleen al in Groot-Brittannië zo’n 300.000 exemplaren verkocht. ‘The Writing Beatle!’ stond er twee maanden na het eerste bezoek van de Beatles aan de vs op het omslag van de Amerikaanse uitgave. Recensenten prezen het om het fantasierijke gebruik van woordspelingen en vergeleken Lennons taal met die van James Joyce, wiens werk hem onbekend was. Een jaar later bracht Lennon nog een boek met onzinliteratuur uit, A Spaniard in the Works (1965). Hoewel ook dit een bestseller werd, was de kritiek er minder enthousiast over. Het was te veel van hetzelfde. Toch stemde Lennon ermee in dat beide boeken in één paperback werden samengevoegd als The Penguin John Lennon (1966). Het werk verscheen in meerdere talen, maar aanvankelijk niet in het Nederlands.
Het was de Dordtse dichter C. Buddingh’ (1918–1985), uitgesproken liefhebber van zowel The Beatles als nonsenspoëzie, die in oktober 1967 aan uitgever Geert van Oorschot schreef dat hij druk bezig was de nonsensverzen en verhaaltjes van John Lennon ‘vrijzinnig te vernederlandsen’. Het taalvernuft van ‘de grote Beatle’ had ook zijn eigen ‘poëtische activiteiten’ weer gestimuleerd, zo bekende hij. Het betrof het door Lennons straattaal aangestoken light verse ‘Ben ik geen kleinebofkont?’. Een viertal van Buddingh’s Lennon-vertalingen werd in 1969 gepubliceerd in het tijdschrift Raam (nr. 59–60). Nog enige tijd was er sprake van een bundeltje, dat bij A.W. Bruna & Zn moest verschijnen onder de titel ‘John Lennon vrijzinnig vernederlandst’. De uitgever kondigde het in de reeks Zwarte Beertjes nr. 1231 aan als ‘Snore Wife and some Several Dwarfs (Lennon en Buddingh’)’. Het zou echter niet tot een uitgave komen. Er bleek onvoldoende financiële ruimte om Buddingh’ er een paar maanden aan te laten werken.
In een tijd waarin ChatgpT ook steeds meer literair werk, met zo veel mogelijk inachtneming van emoties, ritme en stijl, in een handomdraai vertaalt, blijkt het vertalen van poëzie uiteindelijk toch mensenwerk. ‘Omdat poëzie vaak zeer subjectief is en veel nuances bevat,’ zo leert ons TalkAI (zomer 2025), ‘is het vertaalproces nooit perfect. Soms worden creatieve aanpassingen gemaakt om de impact en schoonheid van het oorspronkelijke gedicht te behouden. Daarnaast kan het nuttig zijn dat een menselijke vertaler de vertaling verder verfijnt om de poëtische kwaliteit optimaal te garanderen.’
Op de vraag aan de praatrobot hoe John Lennon het begrip ChatgpT in straattaal zou hebben vervat, is de prompte reactie: ‘That’s like havin’ a smart-ass mate in ya phone, always got the lowdown, never runs outta words.’ Gevraagd hoe het in de stijl van Buddingh’ vertaald zou kunnen worden, luidt het antwoord: ‘PraatjeGek, of misschien wat poëtischer: KletsKunst.’ Hadden Lennon en Buddingh’ een flinter van deze ontwikkeling mee kunnen maken, dan zouden ze zonder twijfel eendrachtig hebben uitgeroepen: ‘Well, I’ll be darned!’ — ‘Krijg nou wat!’
Ter gelegenheid van het feit dat het op 24 november 2025 veertig jaar geleden is dat de dichter-vertaler C. Buddingh’ overleed, zette singer-songwriter Wim van Bruxvoort diens vier Lennon-vertalingen op muziek. Ze zijn te vinden op diverse streamingdiensten onder de titel "The Fat Budgie meets de kleine bofkont. John Lennon zingbaar vernederlandst door C. Buddingh’."

Wim Huijser
Meer over de auteur op https://wimhuijser.nl/
Het album is te beluisteren op nagenoeg alle streaming media, maar ook op deze site. Zie de rechterkolom.